i-love-brussels-artwork

Humo maakt graag lijstjes. Vorige week polste het weekblad enkele prominente politici naar hun mening over de verkiezingen (politieke situatie). Ook Urbanus (tot nader order geen wit konijn, maar wat niet is kan nog komen) mocht iets zeggen. Vlaanderens sympathiekste komiek maakte zijn borst nat: “Ik haat Brussel: die stad is waarschijnlijk de hel voor zondaars van andere planeten”.

Nou. Die zit. Dat is gesproken. Daar woon ik dus. In de Hel. Helemaal vrijwillig. Tussen al die zondaars van andere planeten.

Wat een compliment. Immers, wat brengt je de hemel? Verveling, verkaveling, grasmachines op zondag en reglementen tegen de overlast van spelende kinderen.

Urbanus heeft gelijk: iedereen is hier van een andere planeet. Vluchtelingen uit Schilde, Maldegem, Kiev en Kivu. Op zoek naar een beter leven. En als het even kan een zondig leven. Good girls go to heaven, bad girls go to Brussels. Daarom kom je hier ook zoveel toffe madammen tegen.

Waarmee ik geenszins wil impliceren dat er in Vlaanderen niets te beleven valt, god behoede mij. Iedereen weet: planeet Vlaanderen, de hemel voor zondaars bij de hogere geestelijkheid.

Urbanus houdt van zijn erf, maar misschien moet hij het toch wat vaker verlaten. Ik neem hem graag bij de hand om een wandeling door Brussel te maken. Hij hoeft niet bang te zijn, bij deze eerste kennismaking zal ik de Marokkanen en Franstaligen vragen niet te dicht te komen. De Kongolezen zal ik verzoeken niet te luid te feesten. Misschien leert hij een stad kennen van vlees en bloed, met veel littekens en enkele open wonden, maar één en al aards leven en levendigheid.

Wat zit ik hier eigenlijk nog achter mijn computer te doen? Buiten wachten de stad en haar mensen. Tijd om op stap te gaan. Ach Urbanus, hij weet niet wat hij mist. En zachtjes zing ik: “Nee, ik hou niet van meneren met oogkleppen. Meneren met oogkleppen zijn gemeen”.