Net als veel mensen verslikte ik me maandagmorgen in mijn koffie toen ik over de Antwerpse plannen las om in de toekomst fietsers van de Turnhoutsebaan te bannen. Ik ken de Turnhoutsebaan goed. Ik ben er naar school geweest.

Ik vroeg me af of ze daar in Antwerpen nu helemaal gek zijn geworden en was blij dat ik ondertussen in Brussel woon. In de Stad Brussel hebben we enkele maanden geleden een plan goedgekeurd dat leven in de binnenstad ingrijpend zal veranderen. De voetgangerszone wordt verdubbeld. Het verkeer op de centrale lanen, vandaag een stadsautostrade, wordt doorgeknipt. Het Beursplein en de omliggende straten worden omgebouwd tot een majestueus autovrij plein in het centrum van de stad. Het wordt de werf van het eeuw in Brussel.

Het Brusselse plan wil alle transitverkeer uit de vijfhoek weren (40% van het autoverkeer). Parkeren moet in de toekomst ondergronds gebeuren, zodat bovengronds zoveel mogelijk ruimte vrijkomt voor voetgangers en fietsers. Net zoals in Mechelen en Gent. Er komt een parkeerlus rond de autovrije zone die het verkeer vlot naar parkeergarages moet leiden. Op dit ogenblik is 1 op 3 auto’s die in de vijfhoek rondrijdt op zoek naar een parkeerplaats. Daar komt een einde aan.

Is het plan perfect? Nee, dat is het niet. Is het een enorme stap vooruit? Dat is het zeker. De kentering in Brussel is ingezet. Daar heeft sp.a een cruciale rol in gespeeld. Net zoals dat destijds in Gent en Antwerpen het geval was. En dat is niet zonder slag of stoot gegaan. Daar is hard voor gestreden.

Ik viel dan ook van mijn stoel toen ik gisteren in een opiniebijdrage in De Standaard las dat de Brusselse Raad voor het Leefmilieu (BRAL) de Brusselse plannen gelijkschakelt met het huidig Antwerps wanbeleid. Brussel zet grote stappen vooruit, Antwerpen achteruit. Het STOP-principe (eerst voetgangers, vervolgens fietsers en openbaar vervoer en dan pas autoverkeer) staat in het Brussels meerderheidsakkoord. Nergens worden fietsers geweerd. Integendeel, er zal geïnvesteerd worden in extra fietsinfrastructuur.

De medewerkers van BRAL vergissen zich van vijand. Ik kan hen enkel de hand reiken. We hebben elkaar namelijk nodig. Want vele Brusselaars staan nog steeds erg terughoudend ten opzichte van plannen die de auto willen terugdringen. We moeten ons uiterste best doen om de bevolking uit te leggen dat Brussel er met minder autoverkeer op vooruit zal gaan, zowel op het gebied van woonkwaliteit als van commerciële aantrekkelijkheid. Het zou fijn zijn als BRAL haar tijd en energie zou steken in het warm maken van zoveel mogelijk Brusselaars voor een andere visie op mobiliteit, in plaats van langs de zijlijn te roepen dat het allemaal niet ver genoeg gaat. Zodat er voldoende draagvlak is bij alle bewoners en politieke partijen om de noodzakelijke volgende stappen te zetten en nog meer openbare ruimte autovrij te maken.