Voor de derde keer op rij lanceert de Stad Brussel een wedstrijd ‘participatief budget’. Bewoners kunnen een project indienen tot en met 24 juni 2016. Wat begon als een experiment in bottom-up stadsplanning, werpt nu zijn eerste vruchten af. Tijd om even stil te staan bij de twee vorige edities. Hoe gingen de wijken die het participatiebudget wonnen te werk? Waaraan besteedden ze de 35.000 euro? Hebben de bewoners zelf het heft in eigen handen genomen?

De visie = wij begint in de wijk
Werken met een participatief budget heeft tot doel om het wij(k)-gevoel in de buurt te versterken (sociale cohesie) en bewoners aan te moedigen om mee de stad te maken (actief burgerschap). We weten nooit op voorhand welk project gerealiseerd zal worden. Dat lijkt vreemd, maar in deze aparte werkwijze schuilt net de eigenheid van het participatiebudget. Eerst moet de winnaar een breed participatieproces opzetten en de buurt consulteren. De bewoners beslissen vervolgens zelf wat hun wijk nodig heeft én moeten het project ook zelf uitvoeren.

Hoe wordt een vereniging/een wijk gekozen?
Tot hier toe hebben we altijd met een projectoproep en een onafhankelijke jury gewerkt. Die heeft vooral oog voor de visie achter het project: hoe gaan de buurtbewoners geconsulteerd worden? Heeft de indiener voeling met de identiteit, het DNA van de wijk?
We onderzoeken momenteel hoe we in de toekomst (editie 2017) de Brusselaars mee kunnen laten kiezen voor een bepaald wijkproject. Dat kan bijv. door online een bevraging te organiseren. We zouden de mensen niet zomaar laten ‘stemmen’, de bedoeling is online op zoek te gaan naar buurtbewoners die mee willen nadenken, mee de handen uit de mouwen willen steken. De wijk met de meeste geëngageerde bewoners wint dan het participatiebudget. Deze vorm van bevraging zou het pilootproject zijn voor een breder platform van E-participatie.

De dragers: Chigaco en Public
In 2014 werd vzw Chigaco aangeduid voor de Alhambrawijk in het centrum, in 2015 vzw Public voor de Tivoliwijk in Laken. Chigaco stelde een bijzonder divers team van ambassadeurs uit de wijk samen, die de hort op trokken om de rest van de buurt te bevragen. De eerste uitdaging lag in het creëren van een groepsdynamiek tussen deze mensen van verschillende leeftijden en achtergronden. De tweede horde lag in het ‘aanvaard’ worden in de wijk: het was niet eenvoudig de bewoners te overtuigen van de geloofwaardigheid van het project, van het feit dat ze écht mee konden beslissen.

Na een lange periode van aftasten, is er een echt wij(k)gevoel ontstaan en kreeg het project vorm. Er werd besloten het geld te besteden aan de herinrichting van het pleintje gelegen aan de Spaarstraat en Sint-Rochusstraat. De bewoners kozen voor een demonteerbaar voetbalterrein (‘panna’) dat kan opgeborgen worden in een straatmeubel/plantenbak, sfeerverlichting rond de zitbanken op het plein, en een infopaneel voor buurtnieuws. Recyclart en Zinneke werden ingeschakeld om het pannameubel en de verlichting te creëren. We huldigen het vernieuwde pleintje in met een buurtfeest op zaterdag 24 juni.

Vzw Public speelt in op de dynamiek die AU BORD DE L’EAU rond het Monument van de Arbeid creëerde. Dit plekje aan het kanaal heeft het potentieel om een oase van rust en ontmoeting te worden aan het kanaal. Met de middelen van het participatief budget wordt AU BORD DE L’EAU verder ontwikkeld. Er wordt samengewerkt met vele lokale partners, die er elk ‘hun ding’ komen doen. Elke zondag leeft de plek helemaal op, dan wordt er gespeeld, gedanst, gezongen, gegeten, en worden de buurtbewoners letterlijk uit hun kot gelokt. De financiële middelen worden beetje bij beetje aangewend, in functie van de noden van de bewoners die de plek gebruiken. Zo werd er een springkasteel aangekocht, een bbq, plantenbakken, strandstoelen, … Het project is nog in volle ontwikkeling, het is dus afwachten wat de zomer brengt!

Waar brengt de toekomst?
De eerste twee edities waren absoluut een succes. We hebben er ook veel uit geleerd.
Participatie kost héél veel tijd en energie, en leidt zelden tot algemene eensgezindheid. Het is een hele puzzel om het initiële wantrouwen te overwinnen, bewoners te enthousiasmeren, ze maximaal te bevragen en alle neuzen in de richting van één, breed gedragen project te krijgen.

Het lukt nooit om werkelijk iedereen mee te krijgen, al moeten we dat wel blijven proberen, want de nieuwe wijkinfrastructuur komt er ook en vooral voor hén. Het helpt om bij de bevraging van de buurt enkele concrete locaties naar voor te schuiven (het pleintje aan de Sint Rochusstraat, aan het Monument van de Arbeid), omdat mensen zich dan een beter, concreter beeld kunnen vormen van wat dáár moet gebeuren. Verder moet de Stad de partners die het project trekken, goed begeleiden en hun administratieve verplichtingen zo beperkt mogelijk houden.

Conclusie
Drie jaar geleden was het ‘participatief budget van de Stad Brussel’ een echt experiment. We voelden aan dat bewoners steeds meer vragende partij waren om mee na te denken en mee te werken aan hun Stad. Mensen weten vaak het best wat nodig is voor hun straat/buurt. Het komt erop aan hun ideeën niet als kritiek te zien, maar als een meerwaarde voor de stad, en ze dus de mogelijk te geven om deze stad actief mee vorm te geven (co-gestion).

Met Make.Brussels hebben we nogmaals gezien dat deze stad overloopt van enthousiaste, creatieve bewoners die niet liever willen dan meewerken aan de toekomst van de Stad. Dit is een enorme kans, een enorm potentieel dat we als stadsbestuur met beide handen moeten grijpen.